Laat die Russen maar komen!

Waarom Nederland zich niet moet afsluiten voor Russisch gas – een politieke analyse.

Dit artikel verscheen in juli 2006 op de website en in de nieuwsbrief van de Alfred Mozer Stichting, die zich bezig houdt met het ondersteunen van (sociaal-)democratische processen in Oost -Europa.Minister Brinkhorst heeft voorgesteld het Russische energiebedrijf Gazprom toe te laten als speler op de Nederlandse markt. Onder anderen Peter Scheffer van de Jonge Socialisten in de PvdA waarschuwt dat Nederland zich daarmee zou uitleveren aan president Poetin. Hoewel het reëel is om naar de risico’s te kijken, doet men er verstandiger aan op de voorstellen in te gaan dan de Nederlandse economie af te sluiten voor Rusland. Niet alleen in het eigen economisch belang, maar ook om serieuzer genomen te worden in de politieke betrekkingen.

Door Frans van Hilten, Ruslandkundige

Gazprom
Brinkhorst ziet Gazprom niet als een “boevenpartij”, maar in Nederland heerst wantrouwen als het gaat om de betrouwbaarheid van de gasleveranties. Hierbij worden veelvuldig Koude Oorlogskreten als “Russen in de keuken” en zelfs “de Russen komen” van stal gehaald. Blijkbaar geldt Rusland nog steeds als een gevaarlijker zakenpartner dan het uiterst instabiele Midden-Oosten of het dictatoriale Kazachstan, waar minister Bot onlangs Shell hielp met het afsluiten van een oliedeal. Al eerder blokkeerde de Britse regering de overname van een Brits energiebedrijf door de Russen. Zonder twijfel past enige scepsis bij de reputatie van Gazprom, maar niet in de leveranties aan het westen.
Het concern, ontstaan in 1989 als fusie van de Sovjetministeries van olie en gas en geprivatiseerd onder Jeltsin, raakte in de jaren ’90 besmet door corruptieschandalen, waarna Poetin het bedrijf steeds verder onder zijn controle bracht. Sinds 2005 heeft de overheid opnieuw een meerderheidsbelang en inmiddels is Gazprom tot een vehikel van staatsmacht geworden voor de president en zijn staf. Een duidelijk voorbeeld is de renationalisatie van oliebedrijf Joekos. Poetin gebruikte de rechtszaak tegen Joekos-topman Chodorkovski niet alleen om hem als politieke rivaal het zwijgen op te leggen, maar ook om zijn bedrijf tot een faillissement te drijven. Via ingewikkelde manoeuvres slaagde Gazprom erin de aandelen te kopen.

Het wantrouwen komt deels voort uit een andere recente affaire. In januari van dit jaar ontstond in West-Europa grote onrust door het dichtdraaien van de gaskraan naar Oekraïne. Kiev werd bestraft voor het varen van een anti-Russische koers met de afschaffing van het gereduceerde tarief dat ex-Sovjetstaten tot dan toe betaalden. Het wegvallen van de gasdruk in West-Europese landen als gevolg hiervan was echter slechts een bijverschijnsel, dat zo snel mogelijk werd opgelost. Gazprom had en heeft geen belang bij een onbetrouwbare reputatie in het westen. En hoewel de gevolgde procedure geen schoonheidsprijs verdient, kan het westen moeilijk bezwaar hebben tegen het betalen van een gelijke, marktconforme prijs door alle afnemers, dus ook door Oekraïne. Dat de Verenigde Staten, als marktland bij uitstek, zich recentelijk bij monde van vice-president Cheney veroordelend uitlieten over deze actie, is dan ook bevreemdend.

De vrees voor de politieke macht van Gazprom lijkt echter wel begrijpelijk. Wat, als Moskou eens ontstemd raakt over de Nederlandse politiek? Is de gasvoorziening aan de Nederlandse markt dan wel veilig? Toch is er mijns inziens geen veiliger keus dan Gazprom juist te betrekken in onze nationale economie. Het Kremlin zal niet gauw via Gazprom druk uitoefenen, wanneer het zelf belangen heeft in de Nederlandse economie. Enige reserves kunnen daarbij vanzelfsprekend in acht genomen worden; zo hoeft niet direct sprake te zijn van overnames en kan een nieuwe gasterminal in de Rotterdamse haven gewoon gebouwd worden ter versterking van de onafhankelijkheid en onderhandelingspositie van Nederland. Maar als we Rusland als energiepartner uitsluiten, blijven we afhankelijk van het Midden-Oosten.

Waarom samenwerking?
Samenwerking met Gazprom geeft Nederland de mogelijkheid om ook na het uitgeput raken van de eigen gasvoorraad op de aardgasmarkt aanwezig te blijven als transportland. Ook stellen we de toevoer van Russisch gas in de toekomst veilig wanneer het bedrijf als normale, concurrerende maatschappij onze markt functioneert. Gazprom wees er al op dat voor de beschikbare gasvoorraden ook in Azië grote belangstelling bestaat. Dit lijkt een dreigement, maar de uitputting van Slochteren op een termijn van ongeveer 25 jaar is een realiteit, net als de razendsnel groeiende energievraag vanuit Azië.
Er is nog een groot voordeel aan toelating van Gazprom. Nederland als kleine speler is tot nu toe nooit serieus genomen in zijn kritiek op bijvoorbeeld de mensenrechtensituatie in Tsjetsjenië, misschien ook door de steun aan George Bush in zijn omstreden oorlogen in Afghanistan en Irak. Het Moskouse schouderophalen zal echter moeten ophouden wanneer Nederland een economisch-strategische partner is geworden, waarmee enige rekening gehouden dient te worden.

De Nederlandse politiek kan dan met meer overtuigingskracht problemen aan de orde gaan stellen en veel meer dan alleen de kwestie Tsjetsjenië, zoals het toenemend racistisch geweld in Sint-Petersburg, de openlijk door de autoriteiten ondersteunde homohaat, de persbreidel en de tientallen doden die jaarlijks bij ontgroeningen in het leger vallen. Zelfs zou via Moskou druk uitgeoefend kunnen worden op de Wit-Russische president Loekasjenko, en dat is iets waarbij naast de Wit-Russische bevolking ook heel Europa gebaat is.

Het artikel ‘Laat die Russen maar komen!’ is een reactie op het artikel ‘De Russen komen’ van Peter Scheffer dat in de vorige AMS Nieuwsbrief verscheen. In dat artikel betoogde Scheffer dat Nederland in geen geval afhankelijk zou moeten worden van Russisch gas.