Benno Tempel: Met je hoofd vol mooie dingen

Benno Tempel (foto Helena van der Kraan)
Benno Tempel (foto Helena van der Kraan)

Directeur Benno Tempel kijkt terug op eerste jaar in Gemeentemuseum – gepubliceerd op DenHaag.nl

Met personeel dat altijd meedenkt en een museum van wereldfaam ziet Benno Tempel de toekomst zonnig in. In januari 2009 volgde hij Wim van Krimpen op als directeur van het Gemeentemuseum.

Een gesprek over Culturele Hoofdstad 2018, het voorstel het museum naar Mondriaan te vernoemen, en het succes van het stadsdelenproject. ‘Je nodigt een gast uit in je eigen huis, niet in het zijne.’

Benno Tempel zit ontspannen achter zijn bureau op de eerste etage van het prachtige Berlage-gebouw aan de Stadhouderslaan. Hij is blij met zijn museum en met zijn medewerkers. ‘Ik ben van mijn stoel gevallen van de kennis en kunde, en niet alleen van de conservatoren! Toen eerder dit jaar fotograaf Gerard Fieret overleed, een tragisch moment voor Den Haag, stelde iemand van de technische dienst voor zijn portret op de eregalerij te hangen met een zwarte sjerp. Dat heb ik op die manier niet eerder meegemaakt. Als ik zelf niet meer met ideeën zou komen, zou het museum zich roeren, zouden mensen zeggen: Tempel, wat is dit voor duffe boel?’

Van Krimpen
Tempel zet in grote lijnen het beleid van zijn voorganger Wim van Krimpen voort. ‘Kijk, het museum is een openbare instelling. Je wilt de stad iets bieden. Van Krimpen is begonnen de grote meesters van de 20e eeuw te tonen, die nooit in Nederland te zien zijn. Ook organiseerde hij jaarlijks tentoonstellingen van mode en toegepaste kunst. Dat zet ik allemaal voort. En we organiseren minstens 30 tentoonstellingen per jaar. Mijn taak als directeur is een breed publiek te trekken zonder het niveau te laten zakken. Het is de bedoeling dat mensen hier het museum uitkomen met meer kennis en hun hoofd vol mooie dingen.’

Stadsdelen
Om meer mensen te laten kennismaken met het museum, is het Gemeentemuseum dit jaar begonnen met een stadsdelenproject. Eén voor een worden de Haagse stadsdelen een half jaar lang welkom geheten in het museum. Met gratis toegang, maar ook met veel speciale activiteiten. Na Segbroek is in januari Loosduinen aan de beurt.

‘Ik vind dat je de mogelijkheid ook moet bieden aan mensen die zelf nog niet eens weten dat ze graag naar het museum willen. Je kunt als museum wel de wijk ingaan, maar dan neem je je kunst toch niet mee en dat is wel waar het om gaat. Daarom hebben we gezegd: dít is ons huis, kom maar naar ons. Je nodigt een gast ook niet uit bij die gast thuis, maar bij jezelf. Onze collectie is de collectie van de stad. Dan moet je ook tegen mensen durven zeggen: ‘Beschouw ons als jullie museum.’ We hebben iemand speciaal aangenomen om voelsprieten in de buurten uit te steken. Als mensen voortaan een keer per jaar naar het museum komen, zoals sommigen alleen met Kerstmis naar de kerk gaan, vind ik dat prima.’

Jazz in de Mondriaanzaal
Tentoonstellingen zien er tegenwoordig anders uit dan vroeger. ‘Er is veel veranderd in de samenleving. Meer mensen hebben interesse in cultuur, maar de feitenkennis is afgenomen. Je kunt er niet meer zomaar van uit gaan dat iedereen weet wat kubisme is. Het gaat eigenlijk net als op internet: mensen vragen zelf de kennis die ze willen hebben. Daarin gaan we met onze tentoonstellingen mee, bijvoorbeeld met de Wonderkamers. Daar kun je heel toegankelijk kennis maken met cultuur in brede zin. Volgend jaar starten we met een reeks kinderkunstboeken. Bij de tentoonstelling volgend jaar over Kandinsky en de Blaue Reiter komt een toneelvoorstelling. Met The Hague Jazz willen we graag workshops organiseren en musici op de zalen laten spelen. Dat is toch fantastisch, als je die jazzmusici in de Mondriaanzaal laat spelen? Dan snap je eindelijk waarom Mondriaan dat zo geweldig vond!’

Een gemeenteraadslid van het CDA stelde voor het museum om te dopen tot Mondriaanmuseum. Geen goed idee, vindt Tempel, al begrijpt hij de vraag wel: ‘Het museum is meer dan alleen Mondriaan. We hebben ook mode, toegepaste kunst, een enorme muziekinstrumentencollectie. Dat doe je geen recht als je je naam verandert. Maar als ze bedoelen, dat het museum te onbekend is in het buitenland, dan hebben ze een punt. Maar dat komt volgens mij niet door de naam. Het Mauritshuis is in het buitenland ook een onuitspreekbare naam, maar dat kent iedereen.’

Het museum in 2018
Tempel ziet goede kansen voor Den Haag als het erom gaat Culturele Hoofdstad van Europa te worden in 2018. ‘Den Haag heeft natuurlijk al een aantal wereldtopinstellingen binnen de poorten. Nederlands Dans Theater, het Mauritshuis, Escher… en waar in Europa vind je nog een echt panorama? Het Gemeentemuseum moet blijven tonen dat je voor kunst uit de 20e eeuw niet altijd naar Parijs of Londen hoeft. Als ik even droom over dat jaar 2018, dan zie ik bij ons twee waanzinnige grote tentoonstellingen. Beeldende kunst en mode. Maar het gaat niet alleen om het museum, het gaat vooral om het gevoel in de stad. De bouw van een nieuw ‘Cultuurpaleis’ aan het Spui past daar heel goed in. Wij zelf zouden daar heel graag onze muziekinstrumentencollectie tonen. Den Haag is dan een locatie die in Europa echt uniek is. Als we dat allemaal beseffen, wordt het super!’

©  Gemeente Den Haag